donderdag 28 juni 2007
Lijstjesgewijs

Wistjedat:
* Er fietsen bestaan waarbij de makers niet nadachten hoe een mens in elkaar zit.
* Ik gisteren op zo’n fiets gekropen ben.
* Je verdorie nog vooruit kan raken met zo’n ding.
* Zelfs door de velden en modder en op vals plat.
* Ik gisteren nog niet wist wat vals plat was.
* Modder op een mysterieuze wijze zelfs tot op je achterhoofd en tot in je anders regenproof K-way-tje kan spatten.
* Ze een volledige dag mountainbiken een ‘verwendag’ noemen.
* Ik vandaag weer twee botjes meer extra goed voel zitten in mijn lijf.
* Zitten zelf wat moeilijker gaat.
 
maandag 25 juni 2007
Puntkomma
Er zat een fout in mijn mail, schrijft hij. Vet onderlijnd met uitroeptekens.
Ik antwoord en hoe het komt, ik weet het niet, maar ik mail exact dezelfde fout terug door.
Opnieuw vet onderlijnd, dubbel zoveel uitroeptekens: u mailt me krak dezelfde fout.
Ik verontschuldig me. Check, dubbel check en check nog eens. Verontschuldig me voor de overlast en maak een klein grapje over mezelf. Als in: even het ijs breken, en hoe kon ik zo stom zijn…
Hij mailt me terug, om me te wijzen op een komma die verkeerd stond.
 
vrijdag 22 juni 2007
Check-up
Je bent één jaar en moet naar Kind&Gezin. Zou je:

a. op schoot blijven zitten. Bang voor wat zal komen, want Kind&Gezin dat was nog nooit aangenaam.
b. rustig op de mat spelen.
c. de hele wachtkamer verkennen en ondertussen de kast met promomateriaal opnieuw inrichten.
d. een nieuw record 'duploblokjes gooien' in de gewichtsklasse 9 tot 11kg vestigen.
e. je eerste 'slagen en verwondingen' proberen te bewerkstelligen.

KleineMan:
Eerst b
dan e in de vorm van een plastic autootje net niet vlak in het gezicht van een leeftijdsgenootje op de mat keilen.
Dan weer b.
 
woensdag 20 juni 2007
Kleine rondvraag

Wat was als kind jouw absolute lievelingsboek?

PS: Deze vraag heeft een doel, maar dit zal weliswaar niet onmiddellijk duidelijk worden. Ik zeg het er maar bij.
 
dinsdag 19 juni 2007
Aardbeien
Om de één of andere reden waren ze nog niet in mijn fruitschaal beland (of koelkast of waar je zo ook bewaart, als je ze al lang moet bewaren). Moeten overwerken is een goed excuus om een bakje belachelijk duur geprijsde aardbeitjes te kopen. (Heb ik toch nog voldoende vitamienen binnen, en andere drogredenen.)

Die eerste aardbei...
die niet alleen heerlijk zoet ruikt
neen,
die ook overheerlijk smaakt
zoals een aarbei hoort te smaken
(Fris! Zoet! Sappig! en toch een beetje twang om het met Jamie Oliver te zeggen)

Dus je eet, je smekt, je propt de aardbeien in je mond. Tot er bijna geen plaats meer is. Je mond zit vol, maar het smaakt zo lekker. Je knabbelt en slikt en hapt in een nieuwe. Er zijn alleen nog ... aardbeien...
En dan...
'Kruimel...',
Je draait je om wangen gespannen van de aardbeienmoes en daar staat één van je freelancers.
'De koppeling laptop beamer wil niet lukken. Weet jij wat ik verkeerd doe?'
...
 
1 jaar (en 1 dag)



Ik kon er vorig jaar al niet met mijn hoofd bij:
Dat dit kleine ventje, mijn kleine ventje was.
Dat hij diegene was die in mijn buik gewoond had.
Dat dit de schuldige was van alle verbouwingen binnenin mij.
Dat hij er was, met alles erop en eraan.
Hoe ik hem na één minuut al niet meer uit mijn leven kon wegdenken.
Dat hij er echt was.

Ik kon er dit weekend soms nog steeds niet bij.
Hoe Jasper, Jasper is zoals alleen Jasper dat kan zijn.
 
woensdag 13 juni 2007
Ma-ma
Het is toeval geweest, hou ik mezelf voor. Hij brabbelt zo vaak. En toch. Ze zouden pilletjes moeten maken van het gevoel. Of tenminste de mogelijk creëren om het in een flesje te steken.

Deze morgen zat KleineMan al rechtop te spelen toen ik hem wou wakker maken.
Hij keek op,
grijnsde breed,
stak zijn knuffelkonijn naar me uit
en toen klonk het:

"ma-ma".
 
Waar is dat jaar
Ik moet het van mijn mama hebben. Willen bewaren, willen bijhouden. Mijn leven rond me verzamelen in foto's, tekeningen, onbenullige voorwerpen, ... En nog nooit kroop een jaar zo diep als het afgelopen jaar.

Ik nam foto's, schreef hier en in mijn notaboek. Ik hield kleine dingetjes bij. Een ieniemienie-pamper (kijk, zo klein ben je nog geweest), een champagnekurk van de bubbels die we op zijn geboorte en op zijn doop dronken, de positieve zwangerschapstest (kijk, jouw allereerste teken van leven), de kleertjes die Jasper aanhad toen hij uit het ziekenhuis mee naar huis mocht, de (zondags)krant van zijn geboortedag, een doopsuikertje, om maar een paar dingen te noemen.
Straks zijn eerste kroon, verjaardagskaarsje,...
Maar het is niet genoeg. Ik plooi een heel jaar met gemak in een oud koffertje. Het is niet genoeg. Het is te weinig. Dit kan niet zijn wat er van een heel jaar rest.

En dan zie ik Jasper voor me, achttien jaar van hiervandaan. Een opgeschoten jongeman die wat verlegen mijn sentimentele bui wil ontduiken. 'Maar ma, toch.'
Ik hoor het hem zo mompelen.
 
dinsdag 12 juni 2007
Rondjes
Een jaar geleden:

Ik hobbel rondjes door de wijk en de velden achter mijn wijk. Ik wandel grote toeren langs groeiende maïskolven, met gsm bij de hand voor je weet maar nooit.

(‘Wandelen!’, had de gynaecoloog me opgedragen toen we de uitgerekende datum vrolijk passeerden. ‘En niet zomaar wat slenteren, maar stevig doorstappen.’ Pas toen werd me duidelijk dat de man zelf nooit zou weten wat het is om een KleineStamper in zijn buik te voelen kamperen.)

Zes dagen later zou KleineStamper, KleineMan worden.

Gisteren:

Ik hobbel voor de vierde keer opnieuw rondjes. Of puf, dat is een beter woord.

(Ondertussen toetert Evy in mijn oor dat ik goed bezig ben en vraagt ze me elke les opnieuw of ik gedacht had dat het zo vlot zou gaan. De eerste les wou ik Evy op dat moment in de gracht kieperen, maar ze woont in Lief’s Ipod...)

Zes dagen later verdween het synoniem lopende Kruimel = ontplofte tomaat, (probeert ze zichzelf van te overtuigen.)
 
maandag 11 juni 2007
U was een fijne kiezer
De helft antwoordde ‘nog altijd’ op het moment dat hun naam werd voorgelezen.
Toch wel twintig mensen grapten: ‘Ik wacht nog even voor de foto’, toen ze hun stembiljet in de urne dropten.
Drie presteerden het om zich met hun HappyDays/bank of SIS-kaart aan te melden.
Eén op de twintig liep al naar het stemhokje voor ze hun stembiljetten kregen.
Een (andere) één op twintig verdween zonder paspoort. (En kwam die tien minuten later schoorvoetend die alsnog ophalen).
Eén koppel discussieerde luid over de hokjes heen welke bolletjes zij nu wel en niet mochten kleuren. (Meneer in kwestie deelde de lakens uit.)
Vijf maal ons IndianaJones-gewijs tussen stembrief en verkeerde urne geworpen.

Het was een boeiende voormiddag, zo als bijzitter.
 
51
En dan zie je opeens je KleineMan zich helemaal alleen van a naar b bewegen.
(meer concreter van blokkendoos naar een zingende RobbieRups)

Afgeklokt op 51 weken, hij kruipt.
Eindelijk ... durf ik er nog aan toevoegen.

(En dan halen schoonouders prompt een loopwagentje uit.
Als in, mooi en nu ... lopen!)
 
dinsdag 5 juni 2007
Damn Ian, ik begon je net goed te vinden...

Het wordt tijd dat we meer columns gaan plaatsen. Die zijn goedkoop, en iedereen doet het. Jullie weten wel, we nemen iemand met een laag tot gemiddeld IQ, mogelijk een vrouw, en laten die schrijven over, nou ja, maakt niet uit. Je kent dat wel. Gaat naar een receptie en kan niet op iemands naam komen. Twaalfhonderd woorden.'
'Een soort navelstaren,' opperde Jeremy Ball.
'Niet helemaal. Staren is te intellectueel. Eerder navelkletsen.'
'Weet niet hoe haar videorecorder werkt. Heb ik een te grote kont?' vulde Lettice behulpzaam aan.'
'Mooi zo. Nog even doorgaan.' De hoofdredacteur bewoog wriemelend zijn vingers in de lucht om de ideeën uit hen te trekken.
'Eh, een marmotje kopen.'
'Zijn kater.'
'Haar eerste grijze schaamhaar.'
'Krijgt in de supermarkt altijd het karretje met het haperende wieltje.'
'Uitstekend. Bevalt me. Harvey? Grant?'
'Mm, altijd je pen kwijt zijn. Waar blijven die toch?'
'Eh, kan niet met zijn tong uit het kleine gaatje in zijn kies blijven.'
(Uit: Amsterdam, Ian McEwan)
 
vrijdag 1 juni 2007
En dan is er nog steeds...

Leeshonger
 
Groot
Jasper zit nog maar net in bad wanneer ik zijn gezicht in een grimnas zie vertrekken die niet thuis hoort in een kuip vol met water. Ik wil hem er nog uitvissen, maar het is al te laat. Het water kolkt groenig met restjes van de andijvie van gisteren.
Ik wikkel mijn KleineMan in een handdoek en laat zijn bademmer vollopen.

'Net zoals vroeger', denk ik terwijl ik het kleine badje op de keukentafel zet en Jasper uit de handdoek pel. Ik probeer hem terug in zijn bébébubbel te laten zakken, maar dat is niet naar zijn zin. Hij wringt en wriemelt tot zijn tenen boven water uitpiepen. Met een grote grijns knipt hij open en toe als een schaar. Zijn handen pletsen op het wateroppervlak en in een mum van tijd staat de hele tafel onder water. Druppels glijden langs de tafelpoten naar beneden, op de zitting van de stoelen rust een laagje badschuim. Hij wrikkelt tot zijn voetjes de bodem van de bébébubbel voelen en probeert zich verwoed recht te hijsen. Hij vist het washandje van de bodem en gooit die met een grote zwaai op de grond.

Eenmaal uit het water duikt hij met een glimlach van oor tot oor en genietende, pinkelende oogjes weg in zijn badcapé en richt zijn aandacht op alles vanaf de verzorgingstafel een luchtdoop kan gebruiken.

Waar is de tijd dat ik bang was om je kwijt te spelen in die inmense bademmer, denk ik. Waar is die kleine wurm die paste in de holte van mijn arm? Wanneer ben je plots zo groot geworden?