maandag 12 januari 2009

Haast
De klok jaagt me ongenadig voort terwijl ik KleineMeid in haar jasje wurm. Vanuit mijn ooghoeken zie ik KleineMan in de badkamer verdwijnen. Net op het moment dat ik hem achterna wil gaan, gulpt KleineMeid breed glimlachend haar ontbijt uit op haar jasje. Binnenmonds gevloek, een klok die nog harder tikt en de zoektocht naar een nieuw jasje. 'Godzijdank is KleineMan rustig', denk ik.
Dan schiet ik recht, overloop de laatste woorden nog eens en spurt naar de badkamer. Vanonder een opengeklapt deurtje piepen twee beentjes. Ik leun voorzichtig rond het kastdeurtje en knijp mijn ogen toe.
'Oei', piept KleineMan.
Ik bijt mijn onderlip stuk en spreek elk vezeltje wilskracht en geduld in mezelf aan als ik één ooglid voorzichtig opentrek.
'Wilde buike-wassen', piept KleineMan nog stiller. Op de grond ligt een lege fles badschuim. Zijn schoenen, broek, T-shirt en handjes glimmen vervaarlijk. Hij ruikt ook bijzonder lekker.
Zonder één woord pel ik hem uit zijn vuile en op een bizarre manier bijzonder goed ingezeepte kleertjes en heis hem in verse kleren.
'KleineMan is proper!', kirt hij opgewekt als ik hem de badkamer uitwerk.

De lege fles badschuim belandt zeer onzacht in de vuilnisbak en mijn lip begint te bloeden. De klokt tikt niet meer. Hopeloos te laat ben ik sowieso al.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen