woensdag 24 november 2004
Pauze
Een week... -of wat langer-
Even zonder woorden zijn en het niet erg vinden.
 
maandag 22 november 2004
Maandagmorgen
Lief werd ziek deze nacht. Het werd ijsberen in de vroege uurtjes. Glazen water, een thermometer en onmiddellijk daarna koortsremmers laten aanrukken.
Ik sliep niet meer. Koortsig gewoel naast me en onuitputbaar geharrewar in mijn hoofd hielden me wakker.
Het brood was op, de bakker dicht, de kat gaf over op het tapijt. Ik bracht Lief naar de dokter en regelde een lift terug naar huis voor hem. Hopeloos te laat vertrok ik naar mijn werk. Vier vrachtwagens kropen in een slakkengangetje over de baan. Ik probeerde niet naar de klok te kijken. 45 minuten te laat al. Juist toen ik er bijna was, toen het einde van het kilometerslange provincieweggetje in zicht was, doken de zwaailichten op. Tientallen blauwe zwaailichten, ziekenwagens, mannetjes die in oranje pakken op en neer liepen. Ze deden teken: "Omdraaien". Ik manoeuvreerde mijn auto het eerste beste straatje links in en zworf vervolgens nog een half uur over boerenwegeltjes, voor ik de weg naar mijn werk terug vond.

Diegene die de maandagmorgen uitvond, is nu in z'n handen aan het klappen van plezier.
 
vrijdag 19 november 2004
Kleine Adam
Opeens hou ik Kleine Adam terug in mijn handen. Eén van mijn eerste eigen boeken. Ik blader erdoor heen en snuif de geur van oude boeken op; muf papier en een vergeelde beduimdelde kaft.
'Het was één van mijn lievelingsboeken', glimlach ik terwijl ik tussen de pagina's snuister. Adam die met zijn bezem de hele wereld wegveegt en met zijn kleurkrijtjes en nieuwe, mooiere wereld wil tekenen.
'Ik heb het net eens doorbladerd en vind het maar een naïef boek', zegt de verkoopster van de tweedehandswinkel. 'Idealistisch, saai en hopeloos verouderde illustraties.'
Ze neemt mijn geld aan en wikkelt Kleine Adam in bruin pakpapier.
Ik laat het boek in mijn tas glijden en denk: 'Je moet het als zesjarige gelezen hebben, om er van te houden.' Met die herinnering in mijn tas loop ik de winkel uit.
 
donderdag 18 november 2004
Even
Het is donker, het regent en ik voel hoe ik zelf zonder woorden val. Ik nestel me in kleine hoekjes. Duik weg in vreemde werelden, verborgen achter de kaft van een boek. Ik knuffel mezelf in een verborgen hol onder mijn dekbed.
Ik kijk, ik droom, ik zing, maar ik heb heel eventjes geen woorden meer.
 
zondag 14 november 2004
Winkel-switch
"Nog eventjes hier binnen."
"Hier ook nog?"
"Gewoon nog deze winkel. Dan gaan we naar huis. Echt!"
"Alsjeblieft. Mijn voeten doen pijn. Mijn rug doet pijn. Mijn benen zijn stijf. Ik wil naar huis. Heb je echt nog niet genoeg winkels gezien?"
"Gewoon nog deze ene winkel. Misschien hebben ze hier wat ik zoek."
"..."
"Het duurt niet lang."
"Enkel nog deze?"
"Enkel nog deze!"

Waarop Lief zijn zoektocht naar de ideale winterjas verder zette en ik me op de vensterbank van het winkelraam liet zakken tussen vijf andere mannen die me begrijpend toeknikten.
 
vrijdag 12 november 2004
...
Niets...
Gek...
 
maandag 8 november 2004
Boekenbeurs 2004
Niet de drie draagtassen vol boeken. Niet de gezellige drukte. Niet het eindeloos snuisteren tussen duizenden titels. Niet Lief wegplukken uit een boek, of zelf weggeplukt worden. Niet de voorpret, het uitkiezen: 'welke eerst'.
Wel die twee mensen. Rug aan rug geleund weggedoken in een boek. Op een trapje in hall vier. De wereld rondom hen vergeten. Dat vond ik het leukst.
 
donderdag 4 november 2004
Voorpret
Als ik eerlijk ben, mis ik mijn uurtje over de middag. Weg van alles en ronddwalen in kleine winkeltjes verborgen achter kleine geveltjes. Ik mis het snuisteren in een boekhandel. Zinnen proeven, wikken en wegen en af en toe mezelf een cadeautje gunnen.
Ik slenter niet meer door de straten zoals vroeger. Er is simpelweg niets om in rond te slenteren. Dus ik geniet van mijn eten, in plaats van snel, snel een broodje binnen te werken. Ik luister hoe mensen praten en ideeën uitwisselen. Hoe absurde dialogen ontstaan en discussies zich een weg spinnen tussen de borden en glazen door. En als het te erg kriebelt, schuif ik wat vroeger voor mijn computerscherm.
Op het ww-web zijn ook leuke winkeltjes te vinden. Ze zijn niet gezellig. Ik kan niets in mijn handen wegen, geen eerste zinnen lezen of de geur van een houten plankenvloer opsnuiven. Maar ik kan mezelf wel een cadeautje doen. De voorpret, het wachten tot het pakje in mijn brievenbus belandt, maakt veel goed.
 
dinsdag 2 november 2004
Audrey
Lief heeft het niet op Audrey Tautou. Haar glimlach en donkere ogen konden hem in ‘Amelie Poulain’ niet bekoren. ‘Un long dimanche de fiançailles’ was dus geen optie voor een namiddag cinema.
Maar dat was buiten het informatiebord gerekend. Alle films die we samen wilden bekijken: volzet, volzet, volzet.
‘We kunnen nog naar K3 , Garfield of Shark Tale’, mompelde ik, terwijl ik het bord bestudeerde. Lief haalde diep adem en liep naar de kassa.
‘Twee kaartjes voor Un long dimanche graag.’ Hij draaide zich om naar mij. ‘Ik zie je te graag, denk ik.’

De film was net begonnen. Hand in hand schuifelden we naar de eerste vrije stoelen die we op de tast konden vinden. Stil ploften we op de eerste rij neer. De glimlach van Audrey Tautou vulde het hele scherm. Lief keek en opeens fluisterde hij: ‘Dat is het dus.’
Vanavond mag ‘Amélie Poulain’ weer een rondje draaien in de DVD-speler. Want Lief, die is helemaal voor de charmes van Audrey Tautou gevallen.

O ja, zelfs los van Audrey Tautou is Un long dimanche de fiançailles een fantastische film
 
maandag 1 november 2004
1 november
Voor het vijfde jaar op rij een extra bosje bloemen. Bloemen voor een graf waarvan ik wenste dat ik het nog niet hoefde te bezoeken.
Vijf jaar en nog steeds blijft het zoveel pijn doen. Daar vallen geen mooie woorden om te winden.