donderdag 27 januari 2005


Koud hebben,blauwe vingers van de wind die door de plinten giert. Kippevel en bibberende, blauwe lippen door een verwarmingsketel die er de brui aan gaf. Het zo koud hebben, dat je om de tien minuten om koffie gaat. Niet om op te drinken, maar om je trillende handen om te vouwen.
Maar dan moet je een eindje fietsen in de koude buitenlucht. Goed doorfietsen, de pedalen duizelingwekkende rondjes laten draaien. Vlug heen en terug, hup naar binnen, alles is warmer dan hier buiten. Om dan puffend en zwetend je jas uit te trekken, samen met je sjaal. Om met rode wangen terug op je bureaustoel te ploffen en toch je trui uit te trekken. Oververhit, zalig warm, tintelende vingers en oren. Heel even

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen