woensdag 23 januari 2008

Huiswerk-stress
'Ja, maar alleen in mijn eigen sprookjes.', schreef ik. Het was de ideale slotzin voor een huiswerkstuk van de schrijfreeks die eindelijk eens niet volzet was voor ik me aanmeldde.
Ik gloeide van tevredenheid toen ik de woorden herlas, want in de tijdspanne van de zes seconden die ik nodig had om de zin neer te pennen, flitste het miniverhaaltje door mijn hoofd. Begin, breekpunt, dieptepunt, evolutie, einde... Het klopte als een bus. Het was verrassend. Klein, maar fijn. Origineel in zijn soort, maar toch niet te. Kortom, een droomtekst om mijn medecursisten even van hun sokken te blazen. Ik zag mezelf na het voorlezen achterover leunen om iedereen de tijd te geven hun opengevallen monden weer te sluiten.
Vol vuur begon ik te schrijven, tot ik keer op keer struikel over mijn woorden.
Er was iets met een...
En toen?
Wat wou ik daar?
Wat deed dat personage ook weer?
Waarom begon ik over sprookjes?
Na vier dagen wroeten zit ik in een driedubbele knoop met mezelf en een slotzin die tot niets dient. Er staan zeven onsamenhangende stukken op papier en heb zin om overmorgen te zeggen dat mijn hond mijn huiswerk heeft opgegeten.

dinsdag 22 januari 2008

Vergadering
De haken en ogen uit de laatste versie van onze brochure had hij verzameld in een PowerPointpresentatie. Vijvenveertig minuten lang mochten we ons vergapen aan uitglijders, misstappen en instinkers. Verzameld onder kopjes als 'Zonder jargon' 'Stopwoorden' en 'Evidenties'. Tien titels op een rij, bont gekleurd met voorbeelden propvol fluogele highlights. Onder elk kopje minstens drie elementen. Kortom, vijvenveertig minuten lang stil luisteren waar en hoe het product - waar ik minstens de helft van mijn tijd in steek - de mist in gaat.
Dus haalde ik diep adem, negeerde de dramaqueen, de pessimist en de nuchtere kant van mezelf die elk wild met hun repliek stonden te zwaaien en werd dikke vriendjes met die ene vingertop van mij die vrolijk zong 'de beste stuurlui staan aan wal'.

zondag 20 januari 2008

Lange dag
Haar gezicht staat op onweer als ik het lokaaltje op het eind van de dag binnenval. Ze kijkt alsof ze hem tussen duim en wijsvingers wil overhandigen en daarna haar handen stevig wil ontsmetten. De schuldige zit met zijn knuffel tegen zijn wang gedrukt aan de Teletubbies geplakt, driftig dagdag zwaaiend.
Ongemerkt tracht ik mijn KleineMan van zijn stoeltje te vissen, maar de evaluatie van de dag krijg ik venijnig naar mijn hoofd.

Slechte Dag. Driftig.Huilen. Slaan. Boos. Huilen.

Ik draai me zuchtend op mijn hielen. Evenveel zin in de preek die volgt als een vijftienjarige in huiswerk op een zonnige woensdagmiddag. Vier peuters op een rij kijken serieus naar de zwaaiende vinger van de vervangster. Ik kijk even afwezig mee naar het op en neer zwaaien en mijn aandacht dwaalt ongemerkt af naar de dansende Teletubbies.
Wanneer ik aan de intonatie hoor dat ze het einde van haar reprimande nadert, scheur ik me los van een giechelend Po en schakel over in modus 'plichtsbewuste moeder'.
'Dat was niet flink', berisp ik KleineMan halfslachtig terwijl ik in achteruit het lokaal uitschuifel.
In de gang word ik overstelpt met snot en plakzoenen en laat zo in enkele seconden tijd de boze frons van mijn gezicht stelen. Hij weet alleszins al hoe hij de juiste vrouw rond zijn vingertje moet draaien.