donderdag 29 maart 2007

Hard
Er moest bloed geprikt worden, om zeker te zijn dat… En of ik kon helpen.
In de volste overtuiging dat een dokter bij een baby bloed prikt zoals bij een volwassene, zei ik ja. Tot KleineMan in een handdoek gewikkeld werd om maaiende armpjes in toom te houden. En de dokter over zijn hoofdje wreef op zoek naar een goede ader.
Niet in zijn pols? In zijn hoofdje?
Of het zou gaan vroeg ze.
Als ik maar niet moest kijken.
Dus boog ik me over KleineMan en wreef over zijn buikje. Maakte sussende geluidjes en beet op mijn tanden toen hij het uitkrijste.
‘Het is zo voorbij’, fluisterde ik, maar dikke tranen rolden over zijn wangetje.
Ik beet harder op mijn lip en bleef zachtjes over zijn buikje wrijven.
Opeens opende hij zijn oogjes en brabbelde tussen twee uithalen door:
“Bwa-Bwa”
Nooit eerder voelde ik mijn hart zo duidelijk in duizend stukjes breken.

Gelukkig bleek uit het bloedonderzoek dat het allemaal vrij onschuldig is.

dinsdag 27 maart 2007

(N)iet(s)
Het voelt als een blokkentoren bouwen op los zand.
Ik hijs KleineMan recht, onmiddellijk plooit hij zijn knieën en ploft op zijn achterwerk neer. Nog voor hij goed en wel zit gooit hij zijn hele lijfje naar achter. Uitgestrekt op de grond flappert hij met armen en benen.
'Hij wil niet meer zitten', liet ik in de creche weten. In de volste veronderstelling dat dit één van die fases was.
'Hij wil echt niet meer zitten', lieten ze mij 's avonds weten, maar tussen de woorden door kabbelde bezorgdheid.
'Is dit dan geen fase?'
'Alleszins geen veel voorkomende.'
Wat later bel ik naar de dokter, omdat ik van haar wil horen dat het een fase is.
'Als hij woensdag nog niet wil zitten, kom maar eens langs.' Niet wat ik hoopte te horen en daarbovenop nog een boel info over echo's en vocht in de gewrichten.
Dus por ik KleineMan spelenderwijs aan om te zitten, maar telkens gooit hij zich vliegensvlug naar achter. Een blokkentoren op los zand bouwen, lijkt me eenvoudiger.
En ondertussen flappert Jasper vrolijk verder en begint zich langzaam een tapijtengeltje te vormen op zijn flapperplek.

donderdag 22 maart 2007

(on)Handig
Opeens had ik zin om met mijn handen bezig te zijn. Iets te maken. Iets blijvend, iets moois. De wetenschap dat geen enkele knutselproject van mij ooit een 'Ooh' waardig was, schoof ik voor het gemak even in de vergeetput van mijn memorie. Ik had enkele bolletjes wondermooie wol zien liggen, dus die zou ik even transformeren in een wondermooie sjaal.
Wondermooie wol = wondermooie sjaal en daar zit ik voor niets tussen, dacht ik.
Lieve Zij wilde wel tonen hoe het moest, zette de steken op en breide enkele rijen voor mij voor. Heel het weekend greep ik elk vrij momentje aan om de naalden laten tikken en de sjaal groeide gestaag. Zondagavond had ik voldoende centimeters bijeen getikt om een turtle-nekje voor KleineMan te maken.Op vijf centimeter van de rand prijkt wel een gat waar mijn duim makkelijk in past, maar zo'n dingen zie ik zelf graag door de vingers.
En toen vroeg Lieve Zij of ze de vorderingen van mijn werk even mocht bewonderen.
Tegen beter weten in toonde ik haar het resultaat.
Tegen beter weten in verborg ik het gat niet.
Tegen beter weten in nam ze alles mee naar huis 'om te kijken wat ze er aan kon doen'.
Vandaag kreeg ik mijn naalden terug.
Er is nog anderhalve centimeter over...

dinsdag 20 maart 2007

; )
Omdat ik me niet meer kon herinneren wanneer ik mijn maandlenzen voor het eerst droeg, concludeerde ik dat het wel langer dan enkele maanden was.
Ik hees me recht in bad, schoof Turf op een droog plekje en plukte de twee rondjes uit mijn ogen en liet ze bootje varen op het badwater. Daar dreven ze, de twee die mij de wereld scherp lieten zien. Ze tolden rond op het wegkolkende water.
Als twee knipoogjes draaiden ze rondjes rond de badstop en verdwenen toen zonder wuiven in de afgoot.
Meer nog dan een ochtendzoen
heb ik ’s morgens moed vandoen.
Wakker worden is geen kunst.
Dat gaat.
Van kwaad is beddengoed
zich niet bewust
en koude slaapt niet graag
onder een deken.
Het is de mat die
met de wereld vergeleken
veel te klein is als begin,
en zelfs, met mij er middenin,
een beetje knelt.
Ik aarzel lang, rechtop in bed,
bedenk dat net als ja of het
het woordje bang
vaak in mijn dagboek staat,
maar dapper is mijn broer
en zelf ben ik een held.
Dat helpt.

Opstaan is de kunst.
Meer dan een paar ochtendzoenen
heb ik nood aan stoute schoenen.

(Bart Moeyaert)

donderdag 15 maart 2007

Vacuum
Mijn schoudertas slaat op hetzelfde ritme van mijn passen tegen mijn rechterbeen. De zon schijnt in mijn nek en het perron is zo goed als verlaten.
Hoe lang is dit geleden?
Ik, die er een hekel aan heb om voor mijn werk naar de hoofdstad te treinen, geniet hier zowaar van.
Voor één keer verlang ik zelfs naar het totale vacuum van de trein: Geen radio, televisie, zelfs geen telefoon (buiten netwerkbereik), geen enkele mogelijkheid om nog snel dit of vlug dat te doen.
Er is alleen: zitten en laten rijden.
Een uur genieten van wat mijn schoudertas me biedt:
lezen
schrijven
in alle rust...

woensdag 14 maart 2007

Nachtroulette
Ooit nachtroulette gespeeld?
Ten huize Kruimel ook gekend als ‘raad het traantje’.
Het gaat als volgt:
In het holst van de nacht word je uit je dromen gehaald door een alarmerend gehuil.
Je wacht,
in de hoop dat je bedgenoot zijn dekens opzij zwaait,
in de hoop dat het aantal decibels luwt,
in de hoop dat je alles gedroomd hebt.
Uiteindelijk strompelt één van de twee uit bed om te polsen wat er aan de hand is.
Je treft een klaarwakkere en zeer ontevreden KleineMan aan.
Volgens veel verstrekt en goedbedoeld advies leg je je hand op zijn borst en maakt sussende geluidjes.
Soms is dat voldoende. Dan duik je terug onder de dekens en pik je je dromen weer op.
Soms ook niet, en dan begint de nachtroulette.
Misschien heeft hij honger?
Misschien een vuile luier?
Misschien komt er weer een tandje aan?
Misschien heeft hij koorts?
Misschien een nachtmerrie?
Misschien is hij bang alleen?
En dan probeer je één van de voorgaande problemen op te lossen, leg je KleineMan terug in zijn bedje, kruipt zelf onder de wol en wacht angstvallig af…
Soms heb je het meteen juist.
Soms zijn er drie à vier pogingen nodig.
Soms lijkt niets te helpen.
En dat maakt het elke nacht opnieuw spannend…

donderdag 8 maart 2007

Turf
Het gewichtigste cadeautje onder de kerstboom werd voor een tijdje op de bovenste boekenplank geschoven. Wegens te gewichtig en niet alleen in vorm.
Mooi en zeker spek naar mijn bek ... ooit.
Maar toen - nadat ik KleineMan onder de wol had gestopt - trok ik even Turf van zijn plekje op de bovenste plank en las dit:

want niemand - behalve dan je moeder met haar kwabbige armen, stijve kapsel en aardappelpureeblik in haar ogen wanneer ze je aankijkt - wil de details van jouw betreurenswaardige bestaan horen dat ontegenzeglijk net zo zal eindigen als het begon: puffend.

Een half uur later riep Lief vragend wat ik op de trap aan het doen was. Ik kroop recht, wreef de vorm van de trapleuning uit mijn rug en stapte met mijn neus tussen de pagina's de trap af.
Turf en ik gaan nog enkele boeiende uren tegemoet

dinsdag 6 maart 2007

Loswrikken
Thuis heb ik stapels notaboekjes liggen. Moleskines, boekjes die ik zelf bijeen bond, onbenullige krabbelboekjes met een mooi prentje op de kaft, boekjes met stevige ringen, handige elastieken om alles bijeen te houden, ... . Noem maar op. En elk van die boekjes ging een tijd met mij mee op stap. De een lang (twee jaar), de ander kort.
Maar altijd wil ik, plots uit het niets, enkel en alleen nog blanco pagina's bij me hebben. Al de vorige krabbels uit het kortetermijngeheugen van mijn schoudertas wissen en fris opnieuw beginnen. Alhoewel... beginnen. Meestal pik ik net op daar waar mijn vorige krabbels stopten, maar het voelt tenminste fris.
Voor het eerst ook hier op mijn log. Zin om alles te wissen, ergens ver weg op te slaan en opnieuw te beginnen. De techneut-nitwit in mij heeft het wis-gedeelte nog wat uitgesteld. Dus hou ik gewoon bij een nieuwe layout. Helemaal niet wat ik wil. Lang zal ie niet meegaan. Net zo goed als al die boekjes die ik te pakken kon krijgen om mijn witte-pagina's-drang tevreden te stellen. En met een zozo-exemplaar op zak ga ik op jacht naar een nieuw exemplaar om enkele jaren te koesteren.