maandag 10 december 2012

kikker, open, sluit

Een half jaar kon ik elke zaterdagmorgen kamp opslaan op de tribune van het zwembad. Om week na week een klein mannetje met halflege bandjes in het zwembad te zien springen. Met zijn hoofd ternauwernood boven water werkte hij zich keer op keer een weg tot het punt dat de zwemjuf aanwees.
Maar mijn frisse tegenzin om week na week een uur te zitten zweten op een hard bankje was niets in vergelijking met de tegenzin van de aspirant-zwemmer. Meermaals zat hij met zijn armen gekruist op de zwembadtegeltjes, vastbesloten geen been of arm te verroeren. Na elk baantje kon de zwemjuf haar beste pleidooi bovenhalen om uit te leggen waarom hij nu nog niet op de glijbaan mocht.
Zwembad werd een synoniem voor wil niet.
Zwemles was een garantie voor tranen.
Vrijdag stond ik op het punt om de handdoek in de ring te gooien. Voor de vierde week op rij moest ik een huilend ventje van mijn been losweken en zachthandig in de armen van de zwemlerares drijven.
Een beetje ten einde raad zakte ik op mijn knieën. 'Luister, ventje. Deze les is de laatste les van dit jaar. Hierna hoef je niet meer te oefenen. Dat brevet moet vandaag niet. Na deze les laten we het rusten. Dat brevetje komt ooit wel eens.' Met een sippe lip en veel tegenstribbelen liet hij zich meetronen naar het zwembad.
Ik was nog maar net op de tribune  toen ik KleineVent vastberaden naar de blok zag lopen, met een grote plons in het zwembad zag springen en keek verbaasd toe hoe hij met een vastberaden trek rond zijn mond de hele lengte zwom.

En zo leerde dat kleine mannetje van ons, me weer een grote les.

1 opmerking: