Jullie schuld
Met het puntje van mijn tong uit mijn mond, ogen dichtgeknepen, sta ik gebogen over meters en meters stof.
'Wat doe je nu', riep ik mezelf toe terwijl ik me inschreef voor een reeks 'Stikken met de naaimachine.'
'Dat kan jij helemaal niet', herinnerde ik datzelfde meisje een week later toen ze voor de jas stond die in zeven lessen ineen gestoken zou worden.
En toch trof ik mezelf aan op een zondagmiddag boven meters en meters stof, druk doende met patroonpapier en spelden. Mezelf er stellig van overtuigend dat ik dit zou kunnen.
En dat is allemaal jullie schuld. Van jou en ook van jou en jij daar en jij ook. En dan vergeet ik er nog een pak en misschien maar goed ook, want mijn verlanglijstje is al veel te lang en de tijd te kort zonder nog meer inspiratie.
maandag 28 september 2009
donderdag 24 september 2009
Van wie hij het ook heeft, niet van mij
‘Neen, je kan niet op de draaimolen’, herhaal ik voor de twaalfde keer. ‘Ik heb geen centjes bij.’
KleineVents sippe gezicht klaart op. Hij draait 180 graden en marcheert doelbewust op het groepje oudjes af dat dagelijks vergadering houdt op een bankje.
‘Hebben jullie een centje voor de auto’s?’, vraagt hij met opgeheven handje.
‘Neen, je kan niet op de draaimolen’, herhaal ik voor de twaalfde keer. ‘Ik heb geen centjes bij.’
KleineVents sippe gezicht klaart op. Hij draait 180 graden en marcheert doelbewust op het groepje oudjes af dat dagelijks vergadering houdt op een bankje.
‘Hebben jullie een centje voor de auto’s?’, vraagt hij met opgeheven handje.
donderdag 17 september 2009
Groeien
De ene draait rondjes op haar buik. De andere lanceert zichzelf met ingebeelde raket op zijn rug door de ruimte. Hun ‘Vrrrr’ hebben ze gemeen. Zij daar laag bij de grond, pluisjes ontdekkend. Hij met zijn hoofd tussen de sterren.
Ik kan me haar niet groter voorstellen. Net zomin als ik me hem kleiner kan denken.
Ze zijn wie ze zijn. Ze groeien ongezien, maar zo snel.
Mijn ogen zien het niet. Mijn armen merken het niet.
Het is pas als ik halt hou ik mijn hoofd dat ik merk dat ik hoger moet kijken, meer ruimte moeten maken tussen mijn armen.
En dat is het hoe het moet zijn.
Tussen de lijnen door groot worden.
Steeds veranderen, maar altijd blijven wie ze zijn.
De ene draait rondjes op haar buik. De andere lanceert zichzelf met ingebeelde raket op zijn rug door de ruimte. Hun ‘Vrrrr’ hebben ze gemeen. Zij daar laag bij de grond, pluisjes ontdekkend. Hij met zijn hoofd tussen de sterren.
Ik kan me haar niet groter voorstellen. Net zomin als ik me hem kleiner kan denken.
Ze zijn wie ze zijn. Ze groeien ongezien, maar zo snel.
Mijn ogen zien het niet. Mijn armen merken het niet.
Het is pas als ik halt hou ik mijn hoofd dat ik merk dat ik hoger moet kijken, meer ruimte moeten maken tussen mijn armen.
En dat is het hoe het moet zijn.
Tussen de lijnen door groot worden.
Steeds veranderen, maar altijd blijven wie ze zijn.
Abonneren op:
Posts (Atom)