dinsdag 17 mei 2011

En toen gooide Blogger zomaar enkele stukjes en reacties in het grote zwarte gat, tsss...
Opnieuw dan maar. Denk voor de sport even dat het 12 mei is.


Waar ligt de grens tussen verwachten en verwelkomen?

Dat vroeg ik me af toen ik Annemoons dikke buik een aai gaf en haar veel succes wenste. Net zoals ik de afgelopen twee weken al deed bij elk afscheid.
Als lieve vrienden een derde kleintje verwachten, dan wacht je mee. Punt.
Als lieve vrienden een derde kleintje in hun armen sluiten, dan doe jij hetzelfde met je hart. Punt.
Dus vraag ik me nog steeds af. Wanneer stopte ik met wachten en is een nieuwe baby niet langer een woord, maar een weten?

Bij de eerste aanblik ingeduffeld in een zachte deken?
Bij de eerste aai?
Bij de eerste knuffel?

Eerder denk ik. Volgens mij op het moment dat ik wakker gerinkeld werd door de telefoon 's morgens vroeg. Op het moment dat mijn voeten op de trap roffelden in een 'hij of zij is er'-ritme. Om Annemoon te horen. Alles is in orde. Hij is er. Hij is in orde. Dat alles bezegeld door een naam.

Dat maakt van het verwachten, verwelkomen.

maandag 16 mei 2011

Kiezen

Ik herinner me die keer dat ik nieuwe schoenen nodig had. En hoe mijn moeder jas en portefeuille nam en zei: 'Kom we gaan naar de winkel.' Ik herinner me hoe ik in de eerste winkel onmiddellijk het paar zag dat ik zocht. En ik schrijf bewust 'eerste winkel', want het credo van mijn mama was: 'eerst alle opties nagaan, dan pas kiezen'. En alle opties betekent ook letterlijk alle opties. Of in de schoenen-vertaling. Alle winkels in een omtrek van 30 km, alle schoenen in maat 35. Het kostte ons vijf uur van rijden, zoeken en passen. Hoewel ik steeds zei dat ik dat eerste paar wou uit de eerste winkel, moest ik passen. Je wist maar nooit. Uiteindelijk kochten we het eerste paar, maar als je denkt dat we er samen een les uit trokken. Vergeet het, de volgende keer ging het net weer zo.

Daar dacht ik aan toen Lief's ogen vervaarlijk begonnen te rollen toen ik de keukenmaker vroeg of hij toch nog eens keukenkast-staal B met het werkblad-staal Z wou combineren. Gewoon voor de zekerheid om te controleren of dat niet beter was dan staal A met staal Y.

Dat en het feit dat ik misschien meer op mijn mama lijk dan ik zelf denk.

vrijdag 13 mei 2011

Geluk tussen naald en draad

Een jaar geleden waren wij met een groep vrienden weg in de Westhoek. En midden het groen, dieren en de stilte zag ik een meisje dat ik herkende en nog eentje en nog eentje. Of, in alle eerlijkheid, ik herkende niet de meisjes, maar wel hun kleren.
Ze hoorden bij een mama die ik al enkele maanden volgde ik op het www.

Toen ik die meisjes aan een hek zag hangen (Ik denk dat ik twintig meter verder stond, toen de foto bovenaan haar blog gemaakt werd) , voelde ik een vervelende steek in mijn maag. Een die zei: 'dat wil ik ook kunnen, dingen maken.'
Tijdens de wandeling - af en toe gestoord om een kind uit de gracht te plukken of uit de boom te halen - vroeg ik me af waarom ik me zo voelde. Ik kon het toch? Ik had alle materiaal van geërfde naaimachine tot stof toch in huis?
Het punt was dat ik er niets mee deed. Ik ging naar de naailes, deed netjes wat de juf me zei en borg na de les mijn machine weer op.

Die avond trok ik om tien uur mijn naaimachine vanonder de trap en waagde mij aan een cirkelrokje. De volgende dag hees ik mijn dochter erin en voelde iets opborrelen dat in alles het tegenovergestelde was van die steek. Het was trots, contentement, blijheid en potverdikke verslavend.

We zijn een jaar verder en ik voel me een stukje meer mezelf
juist omdat ik het kan,
maar nog meer omdat ik er nu ook iets mee doe.
En neen, nog steeds geen foto's van wat ik fabriceer. Dat is niet wat Kruimels is, maar die zoemende naaimachine is wel een deel van mijn geluk geworden.

Dus dankje, polkadot-dochters om net op dat moment aan het hek te hangen.