Omdat ie te mooi is om te vergeten...
Zij bovenaan de trap, ik in de gang. Drie minuten of zo na het middagmaal.
Zij: Mama, mijn buik heeft nog honger. Mijn buik wil nog een koekje.
Ik: Lieve schat, we komen net van tafel. Jouw buik was te vol voor pasta. Dan is ze nu ook te vol voor koekjes.
Zij: Maar mama, mijn buik heeft gejokt. Mijn buik wou geen pasta, mijn buik wil wel koekjes.
Ik: Zeg jij maar tegen jouw buik dat ze moet wachten tot vanmiddag.
Zij: *stil gefluister* 'Mama zegt dat je nog een beetje moet wachten. Neen, geen koekjes. Mama vindt het niet leuk als je jokt. Niet meer doen hé.'
Zij: *normaal brulvolume* Ma-maah, ik heb het gezegd. Mijn buik is niet blij, maar ik ga nog een beetje wachten.
dinsdag 27 november 2012
woensdag 21 november 2012
Geïnspireerd
Flow is altijd inspirerend, maar het winterboek is dat helemaal. Met de special rond brieven schrijven die tsjokvol met mooi briefpapier, kaarten en envelopjes zit.
Het Flow Winterboek zette me aan het denken. De tijd dat ik echt brieven schreef ligt al heel ver achter me. Zelfs aan kaartjes op vakantie doe ik niet meer.
Maar al die papieren extra's zijn te mooi om niet te gebruiken. Terwijl ik het lichte postpapier voel, verlang ik naar het gevoel van een pen in mijn hand en voel woorden in mijn hoofd borrelen.
Alleen, naar wie schrijf ik een brief?
Misschien naar jou?
Ik ken je (meestal) niet. Maar je leest wel wat ik schrijf. Als ik het nu eens speciaal voor jou op papier zou zetten. Handgeschreven op mooi briefpapier, in een vrolijke enveloppe die wat kleur brengt tussen de dagelijkse rekeningen en reclame in de brievenbus...
Wil jij een brief van mij ontvangen?
Mail mij dan jouw adres door. Dan neem ik de tijd om neer te zitten met pen en papier.
Er is maar één voorwaarde. Je stuur ook een brief of een kaartje terug. : )
![]() |
| bron: Flow Magazine |
Het Flow Winterboek zette me aan het denken. De tijd dat ik echt brieven schreef ligt al heel ver achter me. Zelfs aan kaartjes op vakantie doe ik niet meer.
Maar al die papieren extra's zijn te mooi om niet te gebruiken. Terwijl ik het lichte postpapier voel, verlang ik naar het gevoel van een pen in mijn hand en voel woorden in mijn hoofd borrelen.
Alleen, naar wie schrijf ik een brief?
Misschien naar jou?
Ik ken je (meestal) niet. Maar je leest wel wat ik schrijf. Als ik het nu eens speciaal voor jou op papier zou zetten. Handgeschreven op mooi briefpapier, in een vrolijke enveloppe die wat kleur brengt tussen de dagelijkse rekeningen en reclame in de brievenbus...
Wil jij een brief van mij ontvangen?
Mail mij dan jouw adres door. Dan neem ik de tijd om neer te zitten met pen en papier.
Er is maar één voorwaarde. Je stuur ook een brief of een kaartje terug. : )
dinsdag 20 november 2012
Het leukste kwartiertje van de dag
Er was eens een voorleesfee die het moe was. Ongeacht de hoge boekenkasten, ongeacht de hoeveelheid boeken die ze elke twee weken van de bib richting de dekenforten sleepte, ongeacht de hoeveelheid dramatiek die ze in haar stem legde. Haar twee luisteraars hadden al het verrukkelijke leesvoer de rug toegekeerd en klemden in hun armen een boek dat ze op eindeloze repeat wilden horen.
De jongste had haar hart verloren aan een klein konijn. Die tal van (niet zo boeiende) avonturen op rijm beleefde. Nu had de voorleesfee helemaal niets tegen Dick Bruna, maar ze was op het punt gekomen dat ze de verhalen kon opdreunen met haar ogen toe.
Een verdieping lager klampte de oudste van de luisteraars zich elke avond vast aan de kleine dierenencyclopedie. Boeiend boekmateriaal, maar minder spek naar de voorleesfee haar bek. Het las wat moeilijk voor met al die latijnse namen en de climax van het verhaal was al wekenlang zoek.
Elke avond trok de voorleesfee de deur van de dekenforten met een beetje een spijtig gevoel toe. Ze verlangde naar verhalen die het kwartiertje 's avonds ook opnieuw voor haar één van de leukste kwartiertje van de dag zouden.
Als ze maar wist met welke boeken ze de aandacht van de twee koppige luisteraars kon trekken?
Er was eens een voorleesfee die het moe was. Ongeacht de hoge boekenkasten, ongeacht de hoeveelheid boeken die ze elke twee weken van de bib richting de dekenforten sleepte, ongeacht de hoeveelheid dramatiek die ze in haar stem legde. Haar twee luisteraars hadden al het verrukkelijke leesvoer de rug toegekeerd en klemden in hun armen een boek dat ze op eindeloze repeat wilden horen.
De jongste had haar hart verloren aan een klein konijn. Die tal van (niet zo boeiende) avonturen op rijm beleefde. Nu had de voorleesfee helemaal niets tegen Dick Bruna, maar ze was op het punt gekomen dat ze de verhalen kon opdreunen met haar ogen toe.
Een verdieping lager klampte de oudste van de luisteraars zich elke avond vast aan de kleine dierenencyclopedie. Boeiend boekmateriaal, maar minder spek naar de voorleesfee haar bek. Het las wat moeilijk voor met al die latijnse namen en de climax van het verhaal was al wekenlang zoek.
Elke avond trok de voorleesfee de deur van de dekenforten met een beetje een spijtig gevoel toe. Ze verlangde naar verhalen die het kwartiertje 's avonds ook opnieuw voor haar één van de leukste kwartiertje van de dag zouden.
Als ze maar wist met welke boeken ze de aandacht van de twee koppige luisteraars kon trekken?
vrijdag 16 november 2012
Een pin is niet altijd een pin
Pingewijs kan ik mij wel eens uitleven met prentjes van zetels. Liefst met veel kussens, dekentjes een tafeltje dichtbij en een fantastisch uitzicht. 'Voor ons huis', heet het bord waar ik alles dan op zwier.
Wat mijn Lief dan de volgende uitspraak ontlokt: 'Hoeveel zetels denk je zo te kopen?'
Het antwoord is geen enkele. Onze woonkamer (en meteen ook keuken) is een lange smalle L. No way never passen al de mooie voorbeelden onder het dak boven ons hoofd.
Maar dat hoeft ook niet. Want ik wil niet dié zetel, die gezellige bank of die zithoek waarvan mijn Lief's ogen spontaan gaan rollen.
Het zijn prentjes gepind vanop een harde bureaustoel na een te lange vergadering. Het zijn verlangens gepind na nachten met veel te weinig slaap en avonden te propvol gestoken met vanalles behalve nietsdoen. Dus pin ik zetels en zithoeken waarin ik spontaan wil neerzijgen. Het liefst vanal met een dekentje over me, een zacht kussen tegen mijn rug en een goeie koffie binnen handbereik.
Pingewijs kan ik mij wel eens uitleven met prentjes van zetels. Liefst met veel kussens, dekentjes een tafeltje dichtbij en een fantastisch uitzicht. 'Voor ons huis', heet het bord waar ik alles dan op zwier.
Wat mijn Lief dan de volgende uitspraak ontlokt: 'Hoeveel zetels denk je zo te kopen?'
Het antwoord is geen enkele. Onze woonkamer (en meteen ook keuken) is een lange smalle L. No way never passen al de mooie voorbeelden onder het dak boven ons hoofd.
Maar dat hoeft ook niet. Want ik wil niet dié zetel, die gezellige bank of die zithoek waarvan mijn Lief's ogen spontaan gaan rollen.
Het zijn prentjes gepind vanop een harde bureaustoel na een te lange vergadering. Het zijn verlangens gepind na nachten met veel te weinig slaap en avonden te propvol gestoken met vanalles behalve nietsdoen. Dus pin ik zetels en zithoeken waarin ik spontaan wil neerzijgen. Het liefst vanal met een dekentje over me, een zacht kussen tegen mijn rug en een goeie koffie binnen handbereik.
woensdag 14 november 2012
Den grooten verbouwink - laatste stuiptrekking part # 1
'Gaan we nu weer boven wonen?', piept KleineVent bij de aanblik van de woonkamer.
De zetel en de kasten zijn bedekt met plastiek. De televisie, tapijt en planten zijn verdwenen.
'En moet ik dan weer bij Ilke slapen?', vraagt hij verder. Er is wat paniek te horen in zijn stem.
Hij stapt door de lege ruimte, zijn voetstappen weergalmen net zoals een klein jaar geleden.
'En zullen we dan weer zo lang op mijn kamer eten?', zijn onderlip trilt een beetje.
Eén en ander is blijven hangen in dat kleine kopje. En hopelijk ziet hij het binnen twintig jaar iets waarheidsgetrouwer dan zijn moeder.
Vanavond als je thuiskomt staat alles weer op zijn plek, sus ik terwijl ik zijn rondschietende blik probeer te vangen. Dan neem je jouw kussen, jouw knuffels en dan gaan we samen hiervoor liggen.
'Gaan we nu weer boven wonen?', piept KleineVent bij de aanblik van de woonkamer.
De zetel en de kasten zijn bedekt met plastiek. De televisie, tapijt en planten zijn verdwenen.
'En moet ik dan weer bij Ilke slapen?', vraagt hij verder. Er is wat paniek te horen in zijn stem.
Hij stapt door de lege ruimte, zijn voetstappen weergalmen net zoals een klein jaar geleden.
'En zullen we dan weer zo lang op mijn kamer eten?', zijn onderlip trilt een beetje.
Eén en ander is blijven hangen in dat kleine kopje. En hopelijk ziet hij het binnen twintig jaar iets waarheidsgetrouwer dan zijn moeder.
Vanavond als je thuiskomt staat alles weer op zijn plek, sus ik terwijl ik zijn rondschietende blik probeer te vangen. Dan neem je jouw kussen, jouw knuffels en dan gaan we samen hiervoor liggen.
Abonneren op:
Posts (Atom)

