Op
De spons is uitgewrongen, toch op dit moment. Want hoe ik ook knijp en duw, veel zinnige letters krijg ik hier niet meer op een rij. Het is op, voor nu. Dus duw ik hier even op stop.
Ik kom wel terug, samen met de lente ergens, maar tot dan wil ik enkel en alleen het leven opslorpen.
maandag 31 januari 2011
donderdag 27 januari 2011
Gedichtendag 2011
De wereld is wonderlijk leeg zonder jou.
Er staat maar zo weinig meer in.
De hemel is aldoor zo hinderlijk blauw.
Waarom? Wat heeft het voor zin?
De merel zit zachtjes te zingen in ‘t groen.
Voor mij hoeft ie heus zo z’n best niet te doen.
De wereld kon vol van geluk zijn, maar nou:
leeg, zonder jou.
Dat zonder jou nog een lente bestaat
met ooievaars en met bloemen,
dat er een meidoorn in bruidstooi staat,
is zonder meer tactloos te noemen.
En wat is het nut van een lindenlaan,
als wij er samen niet langs kunnen gaan?
Langs alle heggetjes bloeit wilde roos
nutteloos, zinneloos.
De wereld is wonderlijk leeg zonder jou.
Er staat maar zo weinig meer in.
De hemel is aldoor zo hinderlijk blauw.
Waarom? Wat heeft het voor zin?
De merel zit zachtjes te zingen in ‘t groen.
Voor mij hoeft ie heus zo z’n best niet te doen.
De wereld kon vol van geluk zijn, maar nou:
leeg, zonder jou.
(Annie M.G. Schmidt)
De wereld is wonderlijk leeg zonder jou.
Er staat maar zo weinig meer in.
De hemel is aldoor zo hinderlijk blauw.
Waarom? Wat heeft het voor zin?
De merel zit zachtjes te zingen in ‘t groen.
Voor mij hoeft ie heus zo z’n best niet te doen.
De wereld kon vol van geluk zijn, maar nou:
leeg, zonder jou.
Dat zonder jou nog een lente bestaat
met ooievaars en met bloemen,
dat er een meidoorn in bruidstooi staat,
is zonder meer tactloos te noemen.
En wat is het nut van een lindenlaan,
als wij er samen niet langs kunnen gaan?
Langs alle heggetjes bloeit wilde roos
nutteloos, zinneloos.
De wereld is wonderlijk leeg zonder jou.
Er staat maar zo weinig meer in.
De hemel is aldoor zo hinderlijk blauw.
Waarom? Wat heeft het voor zin?
De merel zit zachtjes te zingen in ‘t groen.
Voor mij hoeft ie heus zo z’n best niet te doen.
De wereld kon vol van geluk zijn, maar nou:
leeg, zonder jou.
(Annie M.G. Schmidt)
vrijdag 21 januari 2011
Ik hartje mijn blog
Niets leuker dan in de archieven van mijn blog rondneuzen.
Het is een aangename soort van navelstaren. Of een ontmoeting met al de Kruimels die ik hier al was. De doodvermoeide, de razende, de verliefde, de verdrietige, de gelukkige. En dan lees ik van die keer dat ik een eilandbewoner mijn ingewanden dooreen schopte. Of die keer dat ik plots geen werk meer had. En die keer dat ik geen letter uit mijn vingers geperst kreeg.
Het is mijn online equivalent van rommelen in die doos vol souvenirs van vroeger. En een geruststelling ook. Het bewijs dat heel veel wel ooit weer goed komt: die tenen die zag ik terug. kinderen slapen ooit wel eens door. Dat verdriet nooit verdwijnt, maar wel zachter wordt. Dat boos worden deugd kan doen, maar dat ik nu al niet meer weet waarom ik toen zo woest was. Dat de gelukkige stukjes, mij nog steeds doen glimlachen.
Maar vooral... een feest van herkenning. Dat stukje van gisteren, bijvoorbeeld? Dat verscheen al eens in de hij-vorm ergens in januari 2007.
Want dat is het leukste. Al die keren, die zomaar nog een keer kunnen.
Niets leuker dan in de archieven van mijn blog rondneuzen.
Het is een aangename soort van navelstaren. Of een ontmoeting met al de Kruimels die ik hier al was. De doodvermoeide, de razende, de verliefde, de verdrietige, de gelukkige. En dan lees ik van die keer dat ik een eilandbewoner mijn ingewanden dooreen schopte. Of die keer dat ik plots geen werk meer had. En die keer dat ik geen letter uit mijn vingers geperst kreeg.
Het is mijn online equivalent van rommelen in die doos vol souvenirs van vroeger. En een geruststelling ook. Het bewijs dat heel veel wel ooit weer goed komt: die tenen die zag ik terug. kinderen slapen ooit wel eens door. Dat verdriet nooit verdwijnt, maar wel zachter wordt. Dat boos worden deugd kan doen, maar dat ik nu al niet meer weet waarom ik toen zo woest was. Dat de gelukkige stukjes, mij nog steeds doen glimlachen.
Maar vooral... een feest van herkenning. Dat stukje van gisteren, bijvoorbeeld? Dat verscheen al eens in de hij-vorm ergens in januari 2007.
Want dat is het leukste. Al die keren, die zomaar nog een keer kunnen.
donderdag 20 januari 2011
6u30 - elke morgen opnieuw
Ze is één hoopje babygeur, dons en deken. Tijdens de nacht bijna overdwars gerold, met haar neus tegen de bedrand.
Haar anders wapperende handjes liggen nu stil. En opeens zie ik weer haar babyknuistjes. Bijna ineengekruld, maar net niet. Bijna open, maar net niet.
Ze is één pakketje kleine baby. Heel even lijkt ze weer splinternieuw.
Even zijn we in een andere wereld.
Het moment voor ik mijn wijsvinger zacht over haar wang laat glijden.
Het moment voor ze haar gezicht in allerlei grimassen vouwt en zich wiebelend van links naar rechts uitgebreid uitrekt.
Dan is ze weer KleineMeid, twee jaar en nog wat.
Ze is één hoopje babygeur, dons en deken. Tijdens de nacht bijna overdwars gerold, met haar neus tegen de bedrand.
Haar anders wapperende handjes liggen nu stil. En opeens zie ik weer haar babyknuistjes. Bijna ineengekruld, maar net niet. Bijna open, maar net niet.
Ze is één pakketje kleine baby. Heel even lijkt ze weer splinternieuw.
Even zijn we in een andere wereld.
Het moment voor ik mijn wijsvinger zacht over haar wang laat glijden.
Het moment voor ze haar gezicht in allerlei grimassen vouwt en zich wiebelend van links naar rechts uitgebreid uitrekt.
Dan is ze weer KleineMeid, twee jaar en nog wat.
dinsdag 18 januari 2011
In de lappenmand
Achterin mijn hoofd, boven mijn rechteroor zit een stukje over mijn dansende dochter.
In mijn linkerpink staat een stukje over 'moois' op wacht.
Vanuit mijn elleboog zakt een tekstje over 'vroeger 'richting mijn pols.
In mijn lijf rommelt het woord 'lappenmand'. Aan het laatste geef ik toe.
Achterin mijn hoofd, boven mijn rechteroor zit een stukje over mijn dansende dochter.
In mijn linkerpink staat een stukje over 'moois' op wacht.
Vanuit mijn elleboog zakt een tekstje over 'vroeger 'richting mijn pols.
In mijn lijf rommelt het woord 'lappenmand'. Aan het laatste geef ik toe.
Abonneren op:
Posts (Atom)